Vers van de pers

Word gratis één maand lid van de Home Academy Club

Maven werkt vaak samen met Home Academy Publishers, uitgever van meer dan 130 hoorcolleges voor thuis en onderweg. Interessante onderwerpen, van geschiedenis tot natuurwetenschappen, voorgedragen door boeiende sprekers als Fik Meijer, Herman Pleij en Maarten van Rossem. Zo kan je kennis opdoen in de auto, in de trein, op de fiets of thuis op de bank.

Wij mogen je één maand gratis lidmaatschap van de Home Academy Club aanbieden (zonder verdere verplichtingen). Daarmee kun je onbeperkt alle Home Academy hoorcolleges streamen of downloaden, en je kunt ze beluisteren op je computer of via de Home Academy app voor Apple en Android apparaten. Vraag hier een account aan, selecteer de onderste optie (‘Clublid met code’) en vul de code ‘MAVEN2016XPS’ in bij het lid worden van de Home Academy Club.

Enjoy!

Stop met al die sportmetaforen op het werk

Iedereen wil wel ‘scoren met een winnaarsmentaliteit’. Maar aan al die blije sportkreten heb je op je werk niet zoveel, schrijft wetenschapper Ger Post in zijn boek Stalen Zenuwen. NRC ging bij Post te rade en ontdekte vijf sportmythes waar je je niks van aan moet trekken.

Lees hier het hele artikel.

Benieuwd naar het boek? Check Stalen zenuwen!


10 tips om te leren hoe je los moet laten

‘Als u in 2003 voor het laatst spontaan naar de film bent gegaan, een Excel-sheet met het maandelijkse kookschema op uw ijskast heeft hangen en u graag quotes van opruimgoeroe Marie Kondo gebruikt, sluit u zich wellicht af voor (vaak mooie!) onverwachte ervaringen. Een beetje ‘Chinees denken’ maakt u ontvankelijker voor verrassing en geeft ‘laissez faire, laissez passer’ een kans. Maar ook als u niet uw agenda tot half november hebt volgepland kunnen inzichten van Laozi en/of de andere drie filosofen helpen, bijvoorbeeld om beter om te gaan met (plotse) pech of ongeluk.’

Lees nu het hele artikel uit het FD over ‘wu-wei’, (moeiteloos leven), en ontdek de 10 tips om dingen beter los te kunnen laten.

Meer weten over ‘wu-wei’? Lees Proberen niet te proberen. Hierin legt Edward Slingerland uit waarom spontaniteit, zelfvertrouwen en een ontspannen houding zo ongrijpbaar kunnen zijn en waarom ze lijken te ontsnappen als we ze het hardst nodig hebben.

En nu is het klaar met dat zelfsaboterende gedrag!

Journalist Meike Bergwerff hangt regelmatig een avond voor de tv terwijl ze écht wilde gaan sporten. Maar hoe zorg je ervoor dat het van nu af aan ook echt lukt? Ze ging voor het Parool bij Roos Vonk te rade hoe je kan afrekenen met zelfsaboterend gedrag. ‘Je moet het kleine kind in jezelf opvoeden.’

Meer lezen van Roos? Check Je bent wat je doet, hét boek over gedragsverandering.


MINDF*CK op Manuscripta

Victor Mids en Oscar Verpoort zijn de bedenkers van het tv-programma MINDF*CK. Victor Mids is illusionist en arts. Oscar Verpoort is producent en regisseur. Hun vriendschap gaat terug naar de middelbare school, waar de eerste ideeën voor MINDF*CK ontstonden. In het boek MINDF*CK: 51 Illusies & Experimenten geven Victor Mids en Oscar Verpoort voor het allereerst de geheimen prijs achter hun beste en meest spectaculaire illusies uit hun populaire tv-programma MINDF*CK.

Op 3 september geven Oscar en Victor een speciaal optreden tijdens Manuscripta. Be there!

Een ode aan het recalcitrantste molecuul uit de kosmos: H2O

Elke week beveelt De Correspondent een boek aan dat de moeite van het lezen meer dan waard is. Deze keer is dat Het waterboek van Alok Jha. ‘Water geeft Jha een geweldig excuus om te schrijven over wat hem interesseert, namelijk alles. Gooi waterverhalen uit de biologie, scheikunde, astronomie en geschiedenis op één hoop met een bootreis naar Antarctica en je krijgt Het waterboek. Een zeer verhelderende biografie van water, die dermate alle kanten op schiet – van de rol die water speelt in religie, de zestien soorten waterijs die alleen in laboratoria bestaan, tot buitenaards leven en het verdampen van al het aardse water binnen 100.000 jaar – dat ik het hier maar aan Jha zelf overlaat om zijn favoriete waterdimensies te belichten. Ik kan niet kiezen’, aldus De Correspondent.

Lees het hele artikel hier!


Hoe ontwikkel je je talenten?

We leren vaak dat talent is aangeboren. Dat talentvolle mensen moeiteloos dingen doen waar wij alleen van kunnen dromen. Dat is niet waar. Talent begint met een korte maar krachtige ervaring waardoor de vonk van de motivatie overspringt en jij jezelf gaat spiegelen aan mensen die ergens in uitblinken. Die vonk is een kleine gedachte die zomaar in je opkomt en je hele wereld in één klap op zijn kop zet. De gedachte: zo kan ik ook worden.

Daniel Coyle is een van ‘s werelds bekendste talentexperts, en schreef dé gids om je talenten te ontwikkelen. Of je nou een roman wilt schrijven, een nieuwe taal wilt leren of eindelijk echt goed wil worden in tennis: met zijn 51 tips lukt het je. Lees hieronder waarom én hoe hij dit boek heeft geschreven, en download ook vooral de eerste 10 tips uit Ontwikkel je talenten.

*********

Een paar jaar geleden bezocht ik voor een tijdschrift
 allerlei kweekvijvers van talent. Opleidingen die opvallend veel wereldtoppers voortbrengen op uiteenlopende terreinen, van sport en bedrijfsleven tot beeldende 
kunst, muziek, wiskunde en wat al niet meer.

Bijvoorbeeld:
• Een aftandse tennisclub in Moskou die in drie jaar tijd meer vrouwelijke top- 20-spelers afleverde dan de hele VS.
• Een muzikaal zomerkamp in de Adirondacks waar studenten in zeven weken evenveel vooruitgang boekten als normaal in een heel jaar.
• Een school in een achterstandswijk waar de wiskunderesultaten van de leerlingen in vier jaar tijd spectaculair waren verbeterd: vroeger bungelden ze in de ranglijsten altijd onderaan, nu zaten ze bij de hoogste 5%.
• Een zangatelier in Dallas dat de afgelopen tien jaar al voor miljoenen dollars aan poptalent heeft voortgebracht.
• Een skischool in Vermont die nooit meer dan honderd leerlingen aanneemt en 
in de afgelopen 40 jaar al 50 olympische skiërs heeft voortgebracht.

NIEUWE WETENSCHAPPELIJKE INZICHTEN IN TALENT
Mijn onderzoek voerde me ook naar een ander soort kweekvijvers: allerlei laboratoria en onderzoekscentra, verspreid over het land, waar onderzoek wordt gedaan 
naar talentontwikkeling. Eeuwenlang is de mens er klakkeloos van uitgegaan dat talent iets is wat je nu eenmaal hebt of niet, iets wat aangeboren is. Maar een hele trits wetenschappers, onder wie K. Anders Ericsson, Douglas Fields en Robert Bjork, heeft die oude ideeën over talent inmiddels ontkracht. De nieuwe opvatting luidt dat talent niet zozeer afhankelijk is van aangeboren aanleg als van wat we daarmee doen. Om precies te zijn: van de combinatie van motivatie en intensief oefenen die de groei van onze hersenen stimuleert.*

* Waarom de hersenen? Omdat bij de ontwikkeling van een talent alles draait om de hersenen. We praten soms over ‘spiergeheugen’, maar dat bestaat eigenlijk niet. Onze spieren voeren gewoon uit wat onze hersenen ze opdragen. De nieuwe wetenschappelijke inzichten kun je dus zo samenvatten: Wil je je talent ontwikkelen? Stimuleer dan de groei van je hersenen door intensief te oefenen.
Mijn project groeide uit tot een boek,
The Talent Code. Daarin beschrijf ik hoe succesvolle kweekvijvers slim gebruikmaken van de natuurlijke wijze waarop onze hersenen vaardigheden ontwikkelen.

TALENT ONTWIKKELEN IN DE PRAKTIJK
Een onverwacht neveneffect van mijn onderzoek
 was dat ik er zelf ook van profiteerde. Ik ben niet alleen journalist, maar ook vader van vier kinderen, echtgenoot van een vrouw die ijshockey speelt en in 
mijn vrije tijd bovendien honkbalcoach van een juniorenteam. In ons gezin kampen we dagelijks met
 vragen die iedere ouder heeft over het bijbrengen en ontwikkelen van vaardigheden: Hoe helpen we onze 
dochter om de tafels van vermenigvuldiging te leren? 
Hoe onderscheid je echte aanleg van een tijdelijke be
vlieging? Wat is de beste manier om iemand te motive
ren? Hoe kun je je kroost stimuleren om zich ergens in
 te bekwamen zonder dat je verandert in opgefokte voetbalouders die hun kinderen alleen maar ongelukkig 
maken? En wat bleek: mijn onderzoek in die kweekvijvers van talent leverde niet alleen stof op voor mijn journalistieke werk. Het stelde me ook in staat om een 
betere coach en een betere vader te worden.

Dat begon toen ik de eerste kweekvijver bezocht, de Spartak Tennisclub in Moskou. De eerste ochtend dat ik daar kwam, zag ik een rij jonge spelers die in slow-motion met hun racket stonden te zwaaien zonder bal. De leraar gaf ze een voor een aanwijzingen voor kleine verbeteringen. Ik zag dat leerlingen van verschillende leeftijden samen trainden. Ik zag hoe intens geconcentreerd de jonge spelers naar de oudere sterren keken, alsof ze het beeld van hun perfecte forehands en backhands in hun geheugen wilden griffen. En in mijn hoofd begon zich een gedachte te vormen: ik kon hier thuis mijn voordeel mee doen.

Vanaf dat moment schreef ik elk goed advies en elke nuttige methode meteen in mijn notitieboekje en plakte er een roze post-it bij. Ik noteerde tips als ‘nieuwe bewegingen altijd overdrijven’, ‘oefenruimte klein houden’ en − mijn persoonlijke favoriet − ‘veel dutjes doen’. En mijn notitieboekje begon uit te puilen van de roze memo’s.

Al die adviezen bleken goed te werken. Heel goed zelfs, te oordelen naar de snelle en gestage vooruitgang in het viool- en pianospel van mijn kinderen, de prestaties van mijn vrouw op de ijshockeybaan en het wedstrijdsaldo van mijn juniorenteam (tien gewonnen tegen drie verloren, en het door mij gecoachte allstar-team, dat altijd zwak had gepresteerd, haalde ineens bijna het regionale toernooi). Toen The Talent Code was verschenen, kreeg ik reacties van allerlei organisaties die de principes van mijn boek hadden toegepast in hun eigen programma voor talentontwikkeling: een openbare school in Maine, een opleiding voor verpleegkundigen in Minnesota, een golfacademie in Florida, een stoomcursus voor eindexamenkandidaten, een universitair basketbalteam, een softwarebedrijf, organisaties die trainingen voor militaire commando’s opzetten en verschillende professionele sportclubs. Ik bleef rondreizen, kweekvijvers bezoeken, meestercoaches interviewen en post-its in mijn aantekenboekje plakken. En op een gegeven moment besefte ik dat ik al die tips eens op een rijtje moest zetten. En dat heb ik in dit boekje gedaan.

ONTWIKKEL JE EIGEN TALENTEN
Dit boekje is een verzameling simpele, praktische tips voor hoe je ergens beter in kunt worden, allemaal afkomstig van de kweekvijvers die ik heb bezocht en van wetenschappers die onderzoek doen op dit gebied. Alle tips hebben zich bewezen in de praktijk, zijn wetenschappelijk verantwoord en zijn bovenal bondig. Want we hebben het allemaal al druk genoeg. Of we nou leraar of vader zijn, coach of kind, kunstenaar of ondernemer, allemaal willen we onze tijd en energie zo effectief mogelijk besteden. En bij het ontwikkelen van onze talenten kunnen we wel een handboek gebruiken, een gids die zegt: Doe het zo, niet zo. Een supercoach die in je broekzak past.

HOE MOET JE DIT BOEK GEBRUIKEN?
Laten we beginnen met deze twee uitgangspunten:
• Iedereen heeft talenten.
• We weten niet goed hoe we die talenten 
volledig tot ontplooiing kunnen brengen.

Voor de meesten van ons schuilt het probleem vooral in het hoe. Hoe kunnen we talent herkennen in onszelf en onze naasten? Hoe kunnen we dat talent in de beginfase stimuleren? Hoe kunnen we in zo kort mogelijke tijd zo veel mogelijk succes boeken? Hoe moeten we kiezen tussen verschillende strategieën, leraren en methoden?

Dit boek gaat uit van de gedachte dat je je talent het best kunt ontwikkelen met technieken van succesvolle kweekvijvers die zich in de praktijk hebben bewezen. De tips die ik heb verzameld, vallen uiteen in drie categorieën; dat zijn de drie delen van dit boek:

1. Beginnen: ideeën om je motivatie
te prikkelen en een blauwdruk te maken van de vaardigheden die je wilt ontwikkelen.
2. Vaardigheden verbeteren: methoden en technieken om in zo kort mogelijke tijd zo veel mogelijk vooruitgang te boeken.
3. De voortgang vasthouden: strategieën om ervoor te zorgen dat je ontwikkeling niet stokt, dat je gemotiveerd blijft en gewoontes ontwikkelt die bijdragen aan langdurig succes.

Elk deel bestaat uit een reeks tips. Die tips zijn kort: niet omdat ik de zaken versimpel, maar omdat eenvoud juist de kern van de boodschap is. De onderliggende neurologische inzichten zijn complex en fascinerend, maar komen allemaal neer op één simpele kernwaarheid: door kleine handelingen steeds te blijven herhalen worden we een ander mens. In de woorden van zangcoach Linda Septien: ‘Het is geen toverkunst en het is geen hogere wiskunde. Het is een kwestie van keihard werken en slim werken.’

Maar we moeten al dat harde werk wel inpassen in ons drukke leven. Daarom is dit een boekje dat je makkelijk mee kunt nemen – in je broekzak, in een vioolkist of in een sporttas. En daarom vind je achterin een stel lege pagina’s voor je eigen aantekeningen. Wat je ook wilt leren, of het nou golfen is of een nieuwe taal, gitaarspelen of een start-up beginnen, van één ding kun je zeker zijn: je beschikt van nature al over het mechanisme om van stuntelende beginneling uit te groeien tot ervaren rot. En dat mechanisme wordt niet geregeerd door je genen maar door jou zelf. Elke dag, elke oefensessie is een stap naar een andere toekomst. Dat is een hoopgevende gedachte, vooral omdat het gewoon een feit is.

Het eerste deel van dit boek gaat over hoe je de vonk van inspiratie kunt opwekken om te beginnen en je energie het best kunt benutten. De tips bestrijken verschillende gebieden: je mentale instelling, hoe je oefeningen moet toespitsen op het soort vaardigheid dat je wilt ontwikkelen en hoe je de kunst van de grootmeesters kunt afkijken. Maar ze dienen allemaal hetzelfde doel: ervoor zorgen dat de motor opstart en dat jij genoeg brandstof hebt om hem draaiende te houden.

DOE HET ZELF!

Download hier de eerste 10 tips uit Ontwikkel je talenten!

Zes TED-lessen die je niet mag missen

Lees hier alles over De TED-methode en leer hoe je impactvol kunt presenteren!

Dan Ariely eerste bekleder Joep Lange-leerstoel

Dan Ariely, professor psychologie en gedragseconomie, zal samen met Mark Dybul de eerste zijn die de nieuwe, wisselende Joep Lange-leerstoel aan de medische faculteit van de Universiteit van Amsterdam gaat bekleden. Dat is bekendgemaakt tijdens de oprichtingsbijeenkomst van het Joep Lange Instituut. Ariely is een Amerikaans-Israëlische professor psychologie en gedragseconomie en tevens auteur van de boeken Heerlijk oneerlijk en Ariely weet raad.

Het nieuwe instituut is opgericht ter nagedachtenis van de prominente aidsonderzoeker Joep Lange, die in 2014, samen met zijn partner Jacqueline van Tongeren, omkwam bij de MH17-vliegtuigramp. Het Joep Lange Instituut moet een activistisch instituut worden dat zich met onderzoek en actie wil inzetten voor beleidsveranderingen om zorgmarkten beter te laten functioneren in landen waar het systeem niet werkt voor armen. Naamgever Joep Lange stond bekend om zijn activisme en zijn pioniersrol op het gebied van aidsbestrijding. Zo was hij een van de eersten die experimenteerde met een cocktail van hiv-remmers.

Het onderzoek dat Ariely en Dybul gaan doen is gericht op toegang tot de zorg voor de allerarmste bevolking op het platteland en in sloppenwijken in ontwikkelingslanden. Zo wil Ariely manieren onderzoeken om mensen met extreem lage inkomens toch te laten sparen voor gezondheidszorg. Het Joep Lange Instituut wordt onder meer gefinancierd door  het ministerie van Buitenlandse Zaken, maar ook door bedrijven als Heineken en Gilead Sciences.

Bron: Medisch Contact / Joep Lange Instituut

Klik & ontdek: hoe je stalen zenuwen kunt kweken

Voor topsporters draait alles om presteren op het juiste moment. Krijgen ze op het beslissende ogenblik vleugels? Of bezwijken ze juist onder de druk? Aan de hand van briljante hoogtepunten en gênante blunders in de sportwereld onderzoekt Ger Post in Stalen zenuwen wat er met ons gebeurt wanneer we onder druk staan. Hier legt hij uit waarom je beter je winnaarsmentaliteit thuis kunt laten als je iets spannends gaat doen:


Wanneer we leren over momenten van grote druk is het verstandig ons niet alleen op winnaars te richten, maar op zijn minst verliezers mee te nemen in de analyses. Er zijn verschillende initiatieven waar het praten over nederlagen wordt geoefend. Gevierd zelfs, zoals bij het Instituut voor Briljante Mislukkingen en op conferenties als FailCon, waar beginnende ondernemers in Silicon Valley hun fouten met elkaar delen om ervan te leren. En ook in de wetenschap dringt de noodzaak door dat mislukkingen onder ogen komen een belangrijk onderdeel is van kennisvergaring.*  Behalve dat het leermomenten oplevert, merken de delers van hun mislukkingen ook vaak dat er een opluchting vanuit gaat. Soms kun je je met de beste intenties zo goed mogelijk voorbereiden op een moment en dan loopt het toch verkeerd af.

Juist in de sport, een plek waar de obsessie met prestaties van de scoreborden druipt, vinden mensen een andere weg. Ze oefenen met een realistische blik naar hun prestaties te kijken, waarbij er na een overwinning of nederlaag ook oog is voor de omstandigheden waarop iemand geen invloed had. Grote kampioenen leren de onzekerheden die van invloed zijn op een cruciaal moment niet weg te stoppen in een illusie, maar die onder ogen te komen. Andere factoren dan die waarop de sporter invloed kan uitoefenen krijgen ruimte in verklaringen van winst of verlies.

Een mogelijk gevaar bij het onder ogen komen van onzekerheden is dat te veel controle wordt opgegeven, zoals een illusie van hulpeloosheid het Nederlands elftal in de weg zat bij strafschoppen. Hoewel de omstandigheden een uitkomst voor een deel bepalen, is het gevaarlijk dan maar alle controle op te geven en te stellen dat een strafschoppenserie voor spelers in een oranje shirt een loterij is. Of dat deze spelers niet in de wieg zijn gelegd voor het nemen van penalty’s, last hebben van een penaltysyndroom of een spook.

Zulke verwachtingen kunnen een zichzelf versterkend effect hebben, waarbij negatieve verwachtingen over een prestatie zorgen voor een slechtere prestatie.

Hetzelfde lijkt te gelden voor stress: de manier waarop we over stress denken beïnvloedt de effecten ervan. Stress is het afgelopen decennium een verhaal geworden dat rust op het idee dat het vooral en alleen slecht is voor iemands gezondheid en prestaties. Sommige deskundigen moedigen ons aan om de stress ‘aan te pakken’, soms zelfs al voordat het aan onze gezondheid of prestatie ‘vreet’. Daarmee dragen ze bij aan het probleem: van de negatieve gevolgen van stress op het beslissende moment wordt een gevaarlijk monster gemaakt waarmee afgerekend moet worden. Bijvoorbeeld door te leren ontspannen op het juiste moment.

In plaats van meteen in een oplossing voor stress te schieten, kan het helpen om juist een stap terug te doen en te achterhalen wat nu precies voor de spanning of stress zorgt. Hebben we een beeld in elkaar geknutseld van stress dat onze emoties aanwakkert? Of jagen we onszelf op de kast met de mogelijke gevolgen van een nederlaag? Juist over hoe we over het beslissende moment nadenken hebben we controle. Door deze gedachten regelmatig tegen het licht te houden – en met ons gezonde verstand te lijf te gaan – kunnen we ervoor zorgen dat we de spanning van het beslissende moment niet erger maken dan ze is.

Met een realistischer beeld van de omstandigheden waarmee we te maken krijgen is het bovendien makkelijker die omstandigheden op te zoeken in onze trainingen. Wat maakt het beslissende moment moeilijk? De sociale druk van een publiek, de verhoogde hartslag tijdens een wedstrijd, de moeilijke vragen van een interviewer, de agressieve debatstijl van een tegenstander in een discussie, tijdgebrek of de angst om gewond te raken? Met een beter beeld van de factoren die het belangrijke moment moeilijk maken kunnen deze factoren gesimuleerd worden tijdens trainingen. Een debat oefenen met een collega die de advocaat van de duivel speelt, een strafschop trainen voor een joelend publiek, een presentatie oefenen voor een groep vrienden, schietvaardigheid trainen met het risico geraakt te worden door een verdachte die ineens tevoorschijn kan komen. Dit soort trainingssituaties vormen de stappen naar stalen zenuwen.